Hoofdstuk 4 · 4.2
Stijlen en koppen gebruiken
Bekijk het in een korte film
Een stijl is een vaste combinatie van opmaak: lettertype, grootte, kleur en witruimte. Euro-Office heeft stijlen voor gewone tekst, een titel en koppen op verschillende niveaus. Werk je met stijlen, dan ziet je document er overal hetzelfde uit en kun je met één klik een inhoudsopgave maken.

Een stijl toepassen
- Zet de cursor in de alinea die een kop moet worden. Je hoeft niets te selecteren.
- Klik rechts op het tabblad Start in de stijlengalerij op Kop 1, Kop 2 of een andere stijl (1). Met het pijltje rechts van de galerij zie je alle stijlen.
Gebruik Kop 1 voor hoofdstukken, Kop 2 voor paragrafen en Kop 3 voor onderdelen daarbinnen. Voor gewone tekst kies je Normaal.
Sneltoetsen: Alt + 1, 2 of 3 maakt van de alinea een Kop 1, 2 of 3 (op de Mac Cmd + Option + 1, 2 of 3).
Een stijl aanpassen
Wil je dat alle koppen bijvoorbeeld een andere kleur krijgen? Maak één kop op zoals je wilt, klik met de rechtermuisknop op de stijl in de galerij en kies Bijwerken op basis van selectie. Alle koppen met die stijl veranderen mee. Een eigen stijl maak je door met de rechtermuisknop in de opgemaakte tekst te klikken en Opmaak als stijl en dan Nieuwe stijl maken te kiezen. Met Terugzetten op standaard gaat een stijl terug naar hoe hij was.
Snel door je document met het navigatiepaneel
Klik links op de knop Koppen (1). Je ziet dan alle koppen van je document onder elkaar. Klik op een kop om er direct naartoe te gaan. Dat is erg handig bij lange documenten.

Tip: de stijlen blijven in het bestand bewaard. Opent een collega het document in Word, dan heeft hij dezelfde stijlen en werken de koppen daar ook in het navigatievenster.
